Bèh!
In 1968 verwoestte een aardbeving het stadje Gibellina op Sicilië. Twaalf kilometer verderop werd een nieuw Gibellina gebouwd. Terwijl iedereen nog vol wanhoop en verdriet zat, omdat de grond onder de voeten weggevaagd was, kwamen de wolven.
Natuurlijk komen er wolven en zijn er schapen. Aannemers die het net iets teveel zien zitten; zonder eerst puin te hoeven ruimen een compleet nieuwe stad bouwen. Mensen die geld ruiken van hogere overheden. Architecten die hun vak los zien van de geschiedenis. De wolven wonnen en de mensen moesten wegtrekken. Weg van hun geboortegrond. Sommigen zullen het nog wel fijn gevonden hebben ook. Weg van alle verwoestende herinneringen. Anderen trokken met moeite en wat schamele bezittingen van onder het puin, twaalf kilometer ver weg. Weg van de herinneringen, weg van de doden, weg van de graven van vroeger. Sommigen gingen als makke schapen, anderen vloekten binnensmonds. De macht van diegenen die er belang bij hadden dat er een nieuw Gibellina werd gebouwd was het grootste gebleken. Als troost zou er een kunstwerk komen.
Dat van die macht is een oud verhaal…
Deze week hadden wij het Zeeuwse schaap dat van de wolven op de adderpartij moest stemmen. Ze hadden hun schaapskleren aangetrokken. Pinkten ook een traantje weg toen het schaap vertelde over de prachtige weilanden die binnenkort onder water zouden komen te staan. ‘Kunnen jullie daar dan niets aandoen?’ snikte het schaap. Een van de wolven grapte nog dat ze bij Zierikzee juist erg tevreden waren over de natte weilanden maar hij bond snel weer in toen hij merkte dat het schaap in een heilige verontwaardiging schoot. Religie daar kon je beter afblijven. ‘Nee, best braaf schaap, luister eens…’ en zo probeerden de wolven het schaap te overtuigen dat het beter was om hen te steunen. Het schaap luisterde goed en huppelde vrolijk blatend, want met het gevoel geheel vrij te zijn, naar Zeeland terug. Daar stemde hij in zijn stiekeme eentje. Waarop? Tja, dat weten wij niet. Maar er wordt gefluisterd dat het de adderpartij was. Zo’n partij die kunst maar een hobby voor particulieren vindt. Kunst kan als troost dienen. Zo’n club van mensen die geen idee heeft van wat geschiedenis is, noch van wat vrijheid eigenlijk is. Die neerbuigend denkt over de kuddes die nodig zijn als stemvee maar dom moeten blijven en vooral geen besef van geschiedenis moeten hebben. (Dus waar bezuinigen de gebr. Adder geboren VVD op? Let maar op, op kunst en geschiedenis!)
Op Sicilië kreeg Alberto Burri, een landschapskunstenaar, de opdracht een kunstwerk te maken. Hij heeft het hele verdwenen dorp weer op de kaart gezet. Op de puinhopen van het verwoestte Gibellina, legde hij een soort betonnen lijkwade aan. Hij maakte van wit beton een enorm plakkaat (400 x 300 meter) tegen de helling. Het is zo’n anderhalve meter hoog en er zijn allemaal groeven in, die het stratenplan van vroeger aangeven. Zo kan je door het dode dorp lopen, de hoek waar de bakker was passeren, de school, alle plaatsen van de herinneringen. Je kunt tegelijk over het hele dorp heen kijken als volwassen mens die de geschiedenis overziet. Iedereen die daar loopt, beseft dat dit geen onschuldige, ‘troostende’, kunst is. Behalve de schapen. De schapen zullen het nooit zien. Zij zijn te klein. Van hen hoor je niets anders dan: ‘Bèh’.